De Meerjarenafspraken Energie-efficiency zijn overeenkomsten tussen de overheid en bedrijven en instellingen over het effectiever en efficiënter inzetten van energie. Vanaf 1992 heeft de overheid in het kader van het energiebesparingsbeleid met een groot aantal sectoren een meerjarenafspraak (MJA) gemaakt over de verbetering van de energie-efficiency.

Momenteel zijn er twee soorten meerjarenafspraken:

  1. MJA-e+: looptijd 2007 - 2011 (Bloembollen- en bolbloementeelt en Paddenstoelenteelt)
  2. MJA3: looptijd 2001 - 2020
MJA3

MJA3

In de zomer van 2007 heeft het kabinet de nieuwe beleidsplannen gepresenteerd. Ook op het gebied van klimaat en energie zijn ambitieuze doelstellingen geformuleerd. Deze zijn vastgelegd in het werkprogramma 'Schoon en Zuinig'. Het bedrijfsleven speelt een belangrijke rol in het bereiken van deze doelen. Hierover hebben de Rijksoverheid, VNO-NCW en MKBMidden- en kleinbedrijf Nederland een 'Duurzaamheidsakkoord' gesloten. In de afgelopen 15 jaar is MJA een effectieve manier gebleken om energie-efficiencyverbetering in het bedrijfsleven te realiseren. Gezien het succes van MJA als instrument, is gekozen voor intensivering, verlenging en verbreding van MJA2 om de doelstellingen uit 'Schoon en Zuinig' en het 'Duurzaamheidsakkoord' in te vullen: MJA3. Op 1 juli 2008 hebben de MJA2-partijen het MJA3-convenant ondertekend. Het convenant geldt voor de periode 2001-2020.

De belangrijkste afspraken binnen MJA3 zijn:

  • Bedrijven spannen zich in om een gezamenlijke doelstelling te bereiken van 30 procent energie-efficiencyverbetering tussen 2005 en 2020.
  • Brancheorganisaties stellen een zogeheten routekaart voor de sector op die inzicht biedt in kansen voor de lange termijn en is gericht op innovatieve trajecten voor energie-efficiencyverbeteringen.
  • De rijksoverheid faciliteert via uitvoeringsorganisatie de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland bedrijven en branche-organisaties hierin. Het gaat dan bijvoorbeeld om het helpen opstellen van energie-efficiencyplannen, het ondersteunen van de invoering van energiezorg, de jaarlijkse monitoring van de MJA's en het organiseren van bedrijvendagen.
  • De provincies en gemeenten zullen als bevoegd gezag, bij handhavend optreden op basis van de Wet milieubeheer, deelname aan MJA laten meewegen. Provincies en gemeenten stellen de energie-efficiencyplannen vast.

Het succes van MJA blijft niet onopgemerkt in het buitenland. Het feit dat bedrijven en instellingen vrijwillig op zo'n grote schaal met elkaar en met de overheid samenwerken oogst veel internationale lof en navolging.

Monitoring

Monitoring

MJA-deelnemers rapporteren jaarlijks uiterlijk op 1 april aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, het bevoegd gezag Wet milieubeheer en de eigen brancheorganisatie of het eigen productschap. De bedrijfsrapportage geeft inzicht in de voortgang van de uitvoering van het Energie-efficiencyplan (EEP). Er wordt onderscheid gemaakt in de voortgang van geplande maatregelen op het gebied van procesefficiency, ketenefficiency en duurzame energie en de invoering van systematische energiezorg. Zo kan het management van het bedrijf het beleid bevestigen of tussentijds aanpassen. de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland gebruikt de gegevens voor het opstellen van een monitoringrapportage per bedrijf en per branche. De jaarlijkse MJA-rapportage is geïntegreerd in het e-MJV.

Vernieuwde methodiek

Vernieuwde methodiek

De verlenging en intensivering van het convenant in 2008 was een natuurlijk moment om de monitoringmethodiek aan te passen en op basis van de ervaringen die de afgelopen jaren zijn opgedaan te verbeteren. Dit heeft geleid tot een vernieuwde methodiek die de inspanningen van bedrijven beter inzichtelijk maakt, transparanter is en aansluit op landelijke en Europese protocollen. De nieuwe methodiek is voor het eerst toegepast bij de monitoring over 2009.

Resultatenbrochure

Resultatenbrochure

In de ‘Resultatenbrochure Meerjarenafspraken Energie-efficiëntie’ vindt u onder andere de resultaten van het convenant ‘Meerjarenafspraak Energie-efficiency 2001-2020’ (MJA3). De monitoringgegevens van alle deelnemende sectoren vormen de input voor deze brochure. De brochure is de verantwoording aan de Tweede Kamer over de energiebesparing van de Nederlandse industrie. Ook geven de sectoren hierin aan wat de totale inspanningen en behaalde energiebesparingen zijn. De brochure wordt jaarlijks rond Prinsjesdag beschikbaar gesteld op de website van RVO.nl.

Sectorrapportages

Sectorrapportages

Jaarlijks wordt de voortgang van de uitvoering van het MJA3-convenant gemonitord. Deelnemers zijn verplicht elk jaar hun monitoringgegevens naar de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland te sturen. De monitoringgegevens van alle MJA3-bedrijven worden per sector verwerkt tot een sectorrapportage. Deze sectorrapportage is, na definitieve vaststelling door de OGE-vergadering in mei, beschikbaar op de website van RVO.nl.

Fugro en MJA

Fugro en MJA

Jaarlijks voert Fugro in opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland activiteiten uit, die benodigd zijn om de uitrol van de MJA-bedrijven voor het e-MJV mogelijk te maken en te ondersteunen. Fugro verzorgt via de e-MJV helpdesk ook de eerstelijnsondersteuning voor technische vragen over de MJA-module in het e-MJV. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland verzorgt hiervoor de inhoudelijke ondersteuning.

Integratie van milieu en energie, BMP en EBP, speelt momenteel voor de bedrijfstakken zuivelindustrie en rubber- en kunststofverwerkende industrie. Deze logische integratie kan in meer sectoren gestalte krijgen.

Meer informatie

Meer informatie

Meer informatie over MJA vindt u op de internetsite van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Hier treft u ook een overzicht van deelnemende sectoren.